De Europese Unie en India hebben een langverwacht vrijhandelsakkoord ondertekend, een belangrijke stap in hun bilaterale handelsrelaties. Hoewel het akkoord brede tariefverlagingen voor industriële goederen biedt, zal de impact op staal — een cruciale input voor Belgische handelaren en distributeurs — geleidelijk en gecontroleerd zijn.
Staal inbegrepen, maar met beheerde toegang
Staalproducten vallen onder het vrijhandelsakkoord maar worden beschouwd als een gevoelige sector. In tegenstelling tot veel andere industriële producten zal staal niet onmiddellijk of volledig worden vrijgesteld van douanerechten. Het akkoord introduceert beheerde markttoegang, met een combinatie van tariefquota en gefaseerde verlagingen voor geselecteerde productlijnen.
Als onderdeel van de overeenkomst zal de EU tot 1,6 miljoen ton Indiaas staal vrij van douanerechten toestaan, ongeveer de helft van India’s jaarlijkse uitvoer naar de EU. Importen boven deze limiet blijven onderworpen aan de standaard EU-tarieven en regelgevende kosten. Deze aanpak weerspiegelt de aanhoudende zorgen van de EU over wereldwijde overcapaciteit, prijsverstoringen en concurrentiebalans.
Klimaatvoorwaarden blijven centraal
Het vrijhandelsakkoord wijzigt het EU-klimaat- of handhavingskader niet:
- Het Carbon Border Adjustment Mechanism (CBAM) blijft van toepassing, met rapportageverplichtingen en op termijn financiële aanpassingen gerelateerd aan CO₂-uitstoot.
- EU-instrumenten voor handelsbescherming, inclusief anti-dumping- en beschermingsmaatregelen, blijven volledig beschikbaar bij een sterke stijging van importvolumes of schade aan de markt.
Daarnaast heeft de EU €500 miljoen aan steun toegezegd om India te helpen industriële emissies te verlagen, inclusief in energie-intensieve sectoren zoals staal. Deze steun vrijwaart Indiase producenten niet van CBAM-verplichtingen bij export naar de EU.
België’s rol
België speelt een centrale rol in de EU-staallogistiek, met haar grote zeehavens als belangrijke toegangspoorten en distributiehubs voor geïmporteerd staal. Belgische handelaren zullen waarschijnlijk als eersten de commerciële effecten van het akkoord merken.
Marktperspectief
De reactie van de Europese industrie op het vrijhandelsakkoord is gemengd en sector-specifiek. Terwijl sommige sectoren, zoals de auto- en consumptiegoederensector, blij zijn met de bredere markttoegang, hebben zware industrieverenigingen hun bezorgdheid geuit. Ze benadrukken dat het akkoord “eerlijk en wederkerig” moet zijn, aangezien EU-markten zeer open zijn, terwijl India beschermende normen en aanbestedingsmaatregelen handhaaft.
Voor staal is de handel al sterk in India’s voordeel: bijna de helft van de Indiase staalexport gaat naar de EU, tegenover 27% in 2022, ongeveer zeven keer het volume van EU-export naar India. Verenigingen waarschuwen dat zonder strikte uitvoering het vrijhandelsakkoord de concurrentiedruk op EU-producenten en importeurs met hogere milieu- en sociale normen kan vergroten.
Belgische handelaren kunnen profiteren van quota in vrijstelling van douanerechten en gefaseerde tariefverlagingen, maar resultaten zullen afhangen van:
- Toegang tot het 1,6 miljoen ton vrijgestelde quota,
- Product-specifieke tariefschema’s,
- Koolstofintensiteit en CBAM-naleving,
- en de voortdurende toepassing van EU-beschermings- en anti-dumpingmaatregelen.
In de praktijk is het mogelijk dat Belgische staalimporteurs geleidelijke bevoorradingsvoordelen ervaren, maar moeten ze een complex en gereguleerd marktlandschap navigeren.
Conclusie, het EU–India vrijhandelsakkoord creëert nieuwe kansen binnen duidelijke grenzen. Handelaren die quotas, compliance en marktontwikkelingen nauwlettend volgen, kunnen profiteren, terwijl het structurele handelsonevenwicht een blijvende uitdaging blijft voor de Europese staalindustrie.


